Iedereen heeft recht op een dak boven het hoofd

Het aantal dak- en thuislozen in Nederland is in tien jaar tijd meer dan verdubbeld. Daarnaast zijn er ook dak- en thuislozen die niet in beeld zijn, maar ook geen officieel legaal dak boven hun hoofd hebben. GroenLinks maakt zich hier ernstig zorgen over en heeft daarom schriftelijke vragen gesteld.

Statenlid Marijke de Jong: “Het gaat om heel veel mensen, waaronder gezinnen en jongeren, die geen dak boven hun hoofd hebben en waarvoor nu geen oplossing is. Het is dan ook belangrijk dat er op zowel de korte als langere termijn woningen beschikbaar komen voor deze groep mensen.”

Dak- en thuislozen fors toegenomen

In 2009 waren er 17.800 dak- en thuislozen, maar dat is in tien jaar tijd gegroeid naar 39.300. Daarvan zijn 12.600 jongeren. Het daadwerkelijke aantal dak- en thuislozen is waarschijnlijk groter, doordat lang niet iedereen in beeld is. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om mensen die na echtscheiding of door verlies van hun baan en schulden noodgedwongen in auto’s, vakantieparken of tuinhuisjes verblijven: zij zijn niet in staat op eigen kracht weer een eigen dak boven het hoofd te krijgen. De Ombudsman en Kinderombudsman riepen het kabinet recent op om hier iets aan te doen. En ook de gemeente Utrecht heeft in G4-verband al eerder de noodklok geluid over het groeiende aantal dak- en thuislozen en de toenemende behoefte aan intensieve begeleiding. De noodopvangen zijn ontoereikend en er moet dan ook regelmatig “nee” verkocht worden.

Schriftelijke vragen

GroenLinks heeft het college van Gedeputeerde Staten gevraagd of zij inzicht heeft in het totaal aantal dak- en thuislozen in de provincie Utrecht. Verder wil de fractie weten of het college het met GroenLinks eens is dat wonen een mensenrecht is, en dat er dus sprake is van een mensenrechtelijk probleem.

Ook wil de fractie weten of het college bereid is om bij nieuwbouw- en transformatieplannen te sturen op voldoende woningen voor deze doelgroep. En welke mogelijkheden het college ziet om, in samenwerking met gemeenten, tot een oplossing te komen voor de korte- en langere termijn. Bijvoorbeeld door te kijken naar flexibele woonvormen. Als laatste wil GroenLinks weten welke projecten er op dit moment in de provincie lopen die bij kunnen dragen aan een oplossing.